Herkomst:
Dit ras is ontstaan in de Verenigde Staten in de jaren 1950, na het kruisen van de wilde Bengaalse tijgerkat met huiskatten. Er ontstonden katten met een prachtig vlekkenpatroon en een betrouwbaar karakter. In de Verenigde Staten wordt er nog steeds gefokt met de Bengaalse tijgerkat om dit ras te vermeerderen. Het houden van deze wilde kat is in Nederland verboden. Wanneer een huiskat met een Bengaalse tijgerkat gekruist wordt, zijn vrijwel alle katers van deze generatie onvruchtbaar. Het heeft even geduurd, maar ondertussen zijn de ongewenste "wilde " karakter eigenschappen van de eerste generaties Bengalen, door selectief fokken verdwenen.

Uiterlijk:
De Bengaal heeft een geel/oranje kleur met daarbij bruine of zwarte vlekken/strepen. De vacht is dik, glad en voelt enorm zacht aan. De kop is in verhouding met de rest van het lichaam klein. De ogen zijn groot en amandelvormig. Rond de ogen zit een zwarte kring. De oren zijn klein en naar voren gericht. De staart is van gemiddelde lengte en heeft aan het einde zwarte ringen.Het lichaam is over het algemeen vrij lang en gespierd. De achterpoten zijn iets langer dan de voorpoten en alle poten hebben zwarte voetzolen.
Er zijn twee vachtpatronen; de gemarmerde (tabby marble) en de gevlekte (tabby spotted). Die hebben allebei ook weer twee stromingen; de black tabby en de Sneeuwbengaal.  Sommige Bengalen hebben witte vlekken (medaillons) of verticale strepen, dit kan betekenen dat deze katten niet raszuiver zijn. Het is daarom ook niet toegestaan. De stroming “black tabby” is de traditionele kleur van de Bengaal. Deze kleur is ook dominant.  Dan bestaan er nog twee andere soorten Bengalen die niet erkend zijn in Nederland; de zilveren Bengaal en de blauwe Bengaal. De blauwe Bengaal is een ongewenste kleur die veel voorkomt.

Karakter:
De Bengaal is een vriendelijke, nieuwsgierige en intelligente kat. De laatste twee eigenschappen heeft de Bengaal geërfd van zijn wilde voorvader. De Bengaal is in tegenstelling tot vele andere katten dol op water. Deze eigenschap is waarschijnlijk ook door de voorvader doorgegeven. Bengalen zijn gek op aandacht en zijn daarom ook erg speels. Ook kunnen ze zichzelf goed bezighouden. Toch zijn de meeste Bengalen geen schootkatten. Kopjes geven en spelen is genoeg voor ze, ze gaan liever achter een vliegje aan. Deze katten zitten graag op hoge plekken om alles goed te kunnen observeren. Met hun lenig, gespierde lichaam komen ze daar makkelijk, ze kunnen ver springen. Uw schouder is ook een perfecte hoge plek. Bengalen kunnen gezellig kletsen, maar als ze hun zin niet krijgen zullen ze hun stem flink verheffen.
Dit ras gaat ook goed samen met andere katten, maar dan het liefst ook actieve katten. Honden in huis is over het algemeen ook geen probleem. Ook past een Bengaal zich snel aan, bijvoorbeeld aan nieuwe huisdieren of een andere omgeving. Veel Bengalen worden, net als vele andere raskatten, binnengehouden. Dit kan, mits er veel speelmogelijkheden zijn en een grote ren buiten is. Een Bengaal is niet graag alleen.

Verzorging:
De Bengaal heeft niet veel verzorging nodig, alleen veel liefde en genoeg eten. Vachtverzorging is ook bijna niet nodig.

Contact

Uw vragen, tips en ervaringen delen met kattenliefhebbers :

 klik hier en bezoek
het forum.

Social media